Scenario 1: alles blijft teruggeleverd
Rekenvoorbeeld: 2.500 kWh × €0,04 = €100, × €0,08 = €200 en × €0,12 = €300 bruto per jaar. Trek daarna vaste of gestaffelde terugleverkosten en andere contractkosten af. Deze bedragen zijn scenario’s, geen voorspelling van toekomstige leverancierstarieven.
- 4 cent per kWh: €100 bruto per jaar
- 8 cent per kWh: €200 bruto per jaar
- 12 cent per kWh: €300 bruto per jaar
Scenario 2: 25% van het overschot extra zelf gebruiken
Als u 625 kWh van de 2.500 kWh voortaan direct gebruikt, blijft 1.875 kWh over voor teruglevering. Bij een illustratieve inkoopprijs van €0,26 per kWh vermijdt 625 kWh ongeveer €162,50 aan stroominkoop. Bij 8 cent vergoeding levert de resterende 1.875 kWh bruto €150 op. Samen is dat circa €312,50 vóór kosten en zonder investering mee te rekenen.
Scenario 3: investeren in opslag of een elektrisch apparaat
Een thuisbatterij, warmtepompboiler, elektrische auto, airco of warmtepomp kan zonnestroom op andere momenten benutten. Vergelijk de aanschaf- en installatiekosten met het aantal kWh dat u werkelijk jaarlijks verschuift. Een apparaat alleen kopen om zonnestroom te gebruiken is niet automatisch rendabel.
Wat verandert wettelijk vanaf 2027?
Volgens de Rijksoverheid stopt de salderingsregeling op 1 januari 2027. Voor teruggeleverde stroom blijft een vergoeding bestaan. Tot 2030 moet die minimaal 50% van het kale leveringstarief bedragen. Leveranciers mogen daarnaast onder voorwaarden terugleverkosten rekenen. Controleer daarom altijd vergoeding en kosten als één geheel.
Zo maakt u de berekening persoonlijk
Neem de gemeten teruglevering van uw jaarafrekening, uw volledige stroomtarief, de actuele vergoeding en alle terugleverkosten. Maak daarna een tweede scenario met meer direct eigen gebruik. De Dutch Buddy Waardecheck doet dit zonder dat u eerst contactgegevens hoeft achter te laten.
